Het mysterie van de verdwenen Biegel

Dit is een artikel van een vorig blog van mij ‘Prinses met de lange haren – weblog van een mannelijke jeugdbibliothecaresse’

http://pmdlh.blogspot.com/ (15-09-2004)

Hoe krijg je kinderen aan het lezen ? Iedereen vindt het belangrijk, maar hoe krijg je ze zo gek om een boek te pakken. De beste manier is om ze kennis te laten maken met de auteur.

Hij wou niet komen, hij vond zichzelf een oude bok. Paul Biegel is al bijna 80 en de eminence grise van de Nederlandse jeugdliteratuur. Hij won dit jaar de prijs van de Wijchense Kinderjury met zijn boek “Man en muis”. Het bijbehorende Gouden Leeslintje moesten we hem maar toesturen liet hij per fax weten. Hij zou hem trots dragen en iedereen vertellen dat dit lintje van de Wijchense Kinderjury kwam en veel mooier was dan een lintje van de koningin.

Maar was er geen andere mogelijkheid om het lintje aan de heer Biegel uit te reiken ? Misschien op de persbijeenkomst van de Kinderboekenweek, daar moet Paul Biegel toch zijn, omdat hij het Kinderboekenweekgeschenk schrijft dit jaar. “Meneer Biegel”, vroegen we hem per fax “wilt u ons alstublieft ontvangen na de persbijeenkomst en uw lintje in ontvangst nemen ?””Goed” faxte hij terug, “maar ik wil er geen gedoe omheen; er wordt al genoeg gebiegeld in die periode.”
Het was een mooie dag om naar Amsterdam te gaan. Astrid voelde zich uitverkoren. Zij mocht als vertegenwoordigster van de Wijchense Kinderjury het Gouden Leeslintje uitreiken aan Paul Biegel. En het scheelde een dagje school, ook niet onbelangrijk. Myrthe was zelfs nog nooit in Amsterdam geweest. Ook was ze nog nooit zonder ouders met de trein geweest. In de trein vertellen ze dat ze voor de klas willen staan of dierendokter willen worden.

Het was nog niet zo druk in Amsterdam. De hoofdstedelingen ontwaken pas ná het middaguur. Het Damrak deed Astrid denken aan de Ramblas in Barcelona, de lantaarnpalen leken wel ontworpen door Gaudi. Berlage zei hen niks.

De mantelpakjes van de CPNB ontvingen ons hartelijk maar fronsten hun wenkbrauwen toen we begonnen over het uitreiken van een lintje aan Paul Biegel. “Maar ik heb dat persoonlijk met hem afgesproken.” “Oké, maar dan wel ná alle plichtplegingen van de andere pers.”
In de foyer zagen we de schrijver al, gemoedelijk tussen de anderen een kopje koffie drinken. De meiden konden niet geloven dat ze zomaar gratis en voor niks drinken aan de bar mochten halen.

In de zaal gingen we veilig achteraan zitten. “Kijk daar heb je Hennie Vrienten.” Die slechts enkele centimeters bij mij vandaan mij verbaasd aankeek en bedacht of hij mij moest kennen. “Hennie, wie ?” vroeg Astrid en plotseling begreep ik hoe oud ik was.
Na een geanimeerde persbijeenkomst met zang en dans, gingen we naar een medewerkster van de CPNB, want nu was het uitreikingsmoment gekomen. “U kunt beter eerst even iets gaan eten, dan zijn deze mensen klaar met de heer Biegel en daarna heeft hij misschien even tijd voor u.”

Na het eten weer naar boven. “Meneer Biegel is al weg, misschien dat hij nog beneden zit te eten.” “En anders ?” “Anders heeft u pech, dan is hij naar huis.”De meiden renden naar beneden, want nu ging het gebeuren, onder het eten krijgt hij zijn lintje. Maar in de foyer aangekomen zien we geen Biegel. “Huh, en nu ?” vroeg ik Astrid en Myrthe. “Dan gaan we gewoon naar zijn huis” Gelukkig had ik de fax bij me van Paul Biegel. Daar stond zijn adres op. Ook aan de Keizersgracht. “Hé, daar heb je Thé Tjong Khing. Zullen we die vragen om een handtekening ?” Khing is reuze aardig en wil er ook nog wel een mooie tekening bij maken van iets dat de meiden mooi vinden. Astrid kiest een cavia en Myrthe een piano.

Het huis van Biegel is snel gevonden. Een prachtig herenhuis met drie namen en bellen bij de deur. Ik moet drukken, want zowel Astrid als Myrthe durft niet. Ik ook niet, maar ik vind het enger om zonder gesigneerde boeken in Wijchen aan te komen. “Biegel.” “Eh meneer Biegel, wij komen van de persbijeenkomst.” Ik leg het probleem uit en vraag of het misschien mogelijk is om het lintje alsnog uit te reiken. Even is het stil aan de andere kant, maar hij wil ons toch tien minuten ontvangen. De meiden zijn nu nog meer onder de indruk, ze mogen kijken in het huis van een echte schrijver. Paul Biegel heeft zich snel omgekleed en loopt in vrijetijdkloffie in huis. De uitreiking van het lintje en de oorkonde gaat snel, maar het is duidelijk dat Paul Biegel toch wel onder de indruk is. “Dus jullie vonden mijn boek echt het mooiste ?” Astrid schudt ja, maar zegt niet veel, ook onder de indruk.

Ja, Paul Biegel wil ook de boeken van de andere kinderen signeren, aan de hand van de oorkonde schrijft hij de namen van alle juryleden in hun boek, met een echte handtekening. ’t Was kort, het bezoek aan Paul Biegel, maar Astrid en Myrthe raken er niet over uitgesproken. Dit was prachtig: een handtekening van Paul Biegel en een handtekening van Thé Tjong Khing en zij hebben al het Kinderboekenweekgeschenk.

Bibliothecaris zijn is toch wel leuk vinden de meiden. Wie weet kijken ze nu wat anders aan tegen het vak van bibliothecaris. Ze zullen in ieder geval nooit meer vergeten wie Paul Biegel is, want ze zijn bij hem thuis geweest !
En ik zal Paul Biegel nooit vergeten, omdat hij mij bij het weggaan een schouderklopje gaf: “Bedankt voor wat jullie allemaal doen in de bibliotheek, dat is heel belangrijk.”

En volgens mij, als ik het mij goed herinner, droeg Paul Biegel het gouden Leeslintje tijdens het Kinderboekenbal in de Stadsschouwburg dat jaar. Wie daar nog beelden van heeft: ik houd me van harte aanbevolen!

Basiscursus afgesloten

In een eerder bericht vertelde ik al dat ik de Basiscursus Verhalen Vertellen aan het volgen ben. Twee bijeenkomsten heb ik in Utrecht gevolgd, de andere twee bijeenkomsten werden online gehouden. En dat is best gek, verhalen vertellen voor een groep die je verhaal volgt via een scherm. Maar voorlopig is dat wel de manier waarop ik verhalen zal vertellen. In deze Coronatijd is het helaas niet mogelijk om live verhalen aan een groep te vertellen.

Ik zal in de komende tijd hier de verhalen delen die ik verteld heb in de basiscursus. Ik heb veel geleerd in deze cursus, ondanks het feit dat ik al veel meer verteld had dan de andere deelnemers van de cursus.

In de cursus moest je ook zelf verhalen verzinnen, of verhalen van andere deelnemers overnemen en verder uitwerken. Allemaal dingen die ik nog nooit had gedaan. Ik vond dat ook best moeilijk, maar ben toch wel blij met de verhalen die daar uit voortgekomen zijn. Maar die kun je de komende weken verwachten op mijn blog.

Nu het verhaal waarmee ik mijn Basiscursus heb afgesloten: Waarom spinnen een smalle taille hebben. Een Anansiverhaal.

De feedback die ik kreeg van mijn docent Pauline Seebregts: “Het is verwarrend dat je in het begin vertelt dat Anansi een spin is met acht poten, en dat je aan het einde van het verhaal vertelt dat de draden terugspringen naar het lijf van Anansi en dat dat de acht poten van de spin zijn geworden.”

Ik heb het verhaal ook gedeeld in een workshop van verhalenverteller Marin Millenaar. Hij adviseerde me om meer tijd te nemen om Anansi als persoon neer te zetten. De luisteraar de tijd te geven om Anansi voor zich te zien en mee te kunnen gaan in het verhaal.

Deze feedback neem ik mee in de verdere ontwikkeling van het verhaal. de nieuwe versie van het verhaal zal ik delen in dit blog.

Ik doe wat ik wil (ik wil lezen)

(heel vrij naar Fight for your right (to party) – The Beastie Boys)

Mijn vader komt thuis en hij ploft op de bank.
Ik zeg: ‘Goedemiddag.’ Krijg stank voor dank.
Ik zeg: ‘Ik wil lezen.’, maar mijn vader zegt: ‘Nee.
Jongen, niet zo zeuren, kijk toch breedbeeldteevee.’

Maar ik doe wat ik wil, wat ik wil.
Ik wil lezen !

Ik lig lekker op bed met de Griezelbus.
Mijn moeder komt boven, dat wordt ruzie dus.
Ze stampt op de trap en ze gilt heel kwaad:’
Nu onmiddellijk slapen, ’t is al heel erg laat !’

Maar ik doe wat ik wil, wat ik wil.
Ik wil lezen !

De meester en de school kunnen mij niks schelen.
Geeuwen, gapen, slapen en je dood vervelen.
De meester schreeuwt: ‘Jij komt in de goot !’
Maar wat kan mij dat schelen, ‘k heb een boek op schoot.

Ik doe wat ik wil, wat ik wil.
Ik wil lezen !

Hier stop ik even

Hier stop ik even,
want nu moet ik eten
en de hond uitlaten
en natuurlijk naar de wc
en daarna weer handen wassen 
en mijn moeder zal wel weer roepen
voor de afwas
en morgen heb ik ook nog een proefwerk
en Goede Tijden Slechte Tijden
begint…zo meteen.
Maar ik ga echt verder hoor,
vanavond in bed,
als m’n zaklantaarn het nog doet.
Ik moet dus nu wel stoppen,
als ik snel ben kan ik nog net
nieuwe batterijen kopen.

Dit gedicht is opgenomen in het online poëziemagazine Pretpark Poëzie